U bent hier

Waarom leefstraten de max zijn

Het is een van die zalig zonnige dagen op het eind van de zomervakantie. In de stadstuin van Katrijn Braeckman en Bart Van de Putte hangt er een uitgelaten sfeer van spelende kinderen. Hun drie eigen pagadders, maar ook vriendjes uit de buurt. “Wij wonen in een straat met veel jonge mensen, die altijd klaarstaan voor elkaar”, vertelt Katrijn.

Katrijn, Bart en hun drie kinderen wonen midden in de stad, binnen de 19de-eeuwse stadsgordel en niet ver van het station Gent-Dampoort. “De enige voorwaarde die we ons gesteld hadden toen we op zoek gingen naar een huis, was te wonen dichtbij openbaar vervoer, het centrum, winkels… Een stadstuin die groot genoeg was voor kinderen om erin te spelen was een grote troef. Zelf heb ik als kind veel in parken gespeeld, maar daarvoor moest je toch altijd het huis uit.”

Van speel- tot leefstraat

Ook de buurt waar Katrijn en Bart wonen daagt hen uit tot duurzame keuzes. Hun straat is immers niet alleen een speelstraat in de paasvakantie en de zomermaanden, maar sinds drie jaar wordt er ook geëxperimenteerd met de zogenaamde leefstraat.

“Het idee van de Gentse leefstraten ontstond vier jaar geleden onder impuls van het Lab van Troje en in samenspraak met de bewoners. Het doel is om meer ruimte te krijgen voor spelende kinderen, groen en ontmoeting.”

Hoe verandert dat je buurt? “Bij ons heeft dat ervoor gezorgd dat nu al voor het derde jaar op rij de straat tijdelijk wordt afgesloten voor doorgaand verkeer op momenten dat de meeste mensen thuis zijn. Natuurlijk is het niet de bedoeling dat je zomaar uitwijkt naar een andere straat en daar de parkeerplaatsen inneemt. In die periode wordt de bewoners gevraagd hun auto te parkeren aan het station of op een nabijgelegen bedrijfssite.”

De ruimte die hierdoor in een straat vrijkomt, wordt ingevuld met zogenaamde parklets. Dat zijn houten paletten waarop bijvoorbeeld banken, speelruimte of petanquebanen aangelegd worden.

“Tijdens de leefstraat vind je hier verspreid over de straat drie parklets, die samen zo’n twaalf parkeerplaatsen innemen. We eten er samen, gaan daar ’s avonds nog wat gezellig zitten, de kinderen kunnen er spelen, er worden zelfs tomaatjes gekweekt. Onze positieve ervaringen met speel- en leefstraten leert ons dat je mensen sneller warm kunt maken voor verandering als ze betrokken worden.”

Dit artikel is gebaseerd op een langer interview, dat eerder verscheen op goedgezind.be

Lab van Troje
CC Alain Rouiller


Activiteiten rond dit thema

  • 99692
    donderdag 29 juni
    Gingelom

    Prijsuitreiking Zo Dichtblij 2017

  • 97551
    zaterdag 29 april

    Start van de campagne

  • 97552
    zaterdag 03 juni

    Laatste kans om je tombola-lot in de deelnemende zaken te ontvangen!

Wij werken aan een kwaliteitsvolle, groene leefomgeving

Je kunt te voet je boodschappen gaan doen. Je kinderen hoppen ’s morgens op de fiets om veilig naar school te rijden. Je komt zonder stress aan op je werk, want onze steden en gemeenten zijn zodanig ingericht dat we veel minder auto's nodig hebben en files enkel een vage herinnering zijn. Dat is de ruimtelijke ordening van de toekomst: we leven dichter bij elkaar in groene, gezellige wijken met samentuinen en groen speelweefsel. Wonen, werken en winkelen gebeurt allemaal in het centrum van onze steden en gemeenten. Die zijn makkelijk te bereiken met fiets, trein en bus. Extra woningen die nodig zijn bouwen we zoveel mogelijk bij in de kernen. Zo beperken we de nood aan verplaatsingen en blijft er ruimte voor echte natuur en duurzame landbouw in Vlaanderen.